Dag 7, Potosi, de mijn in
Om 8.30 verzamelen voor vertrek naar de mijnen, Jorge, onze gastheer van gisteren, en zijn zoon komen ons ophalen met de bus. We rijden richting de mijn maar stoppen eerst nog in het mijngebied om coca en alcohol te halen om te offeren aan Tio voor goed geluk. We lopen een stukje door de straat met veel winkeltjes waar ze spullen voor in de mijn verkopen. Je kan er een complete uitrusting kopen maar er ligt ook nitraat en dynamiet. Een mijnbaas koopt dit voor zijn ploeg om te gebruiken. Best listig want eigenlijk doet iedereen maar wat.
Op een hoek staan veel mannen bij elkaar, zij hebben geen vaste plek en hopen erop dat een mijnbaas personeel extra nodig heeft.
Dan rijden we door naar de mijn, op 4040 meter hoogte een stop om foto’s te maken van het werk van de mijnmannen, met een kruiwagen of een mijn kar op spoor wordt de erts uit de mijn gehaald en op een hoop gegooid vaak naar een verdieping lager. Dit alles met de hand. De erts wordt met de hand in vrachtwagens geladen en vervoerd naar de verwerkings fabriek. Er worden 2 vrachtwagens per dag uit een mijn gehaald. Deze mijn heeft 60 mijnwerkers werken.
De berg heeft heel veel verschillende mijnen die door eigen mijnwerkers leeg gehaald worden. Overal op de helling zie je groepjes hutten die bij 1 mijn horen.
De mijnwerkers verdienen Bob 150,00 per dag, dat is ongeveer € 21,00 dit voor 6 uur achterelkaar door. Er is geen vakbond of iets dergelijks en het is echt armoede daar.
Dan krijgen we een overall aan, helm op met verlichting en dan gaan we de mijn in. Overal balken en leidingen waar we onderdoor moeten. We gaan tot ongeveer 200 meter horizontaal de mijn in. Daar is een plek voor Tio gemaakt. Er worden coca bladeren en 96 % alcohol geofferd op goed geluk voor de mijn werkers. Deze mijn haalt momenteel voor 80% zink naar boven, verder zilver, tin en lood.
Na een half uurtje komen we de mijn weer uit, we pellen ons uit de kleding en zijn allemaal blij hier niet te hoeven wonen en werken. Er is erg veel sterfte onder de mijnwerkers en een opvang is er dan niet. Een mijnwerkerskind zal dan ook bijna altijd een mijnwerker worden, het is moeilijk uit deze spiraal te komen.
We worden met de bus terug gebracht naar het hotel, we gaan eerst even naar onze kamer, even uit puffen want we merken toch echt wel dat we op hoogte zijn, alle inspanning kost energie en we komen regelmatig adem tekort. Alles rustig aan dus.
Om 13.30 gaan we de stad in, richting het grote plein dat redelijk dicht bij het hotel ligt. Het weer is prima, we lopen lekker in ons t shirt. Wat gebouwen bekeken en op het dak van een kerk geweest. Potosi is een relatief kleine stad met een compact centrum.
Op de pleinen is het levendig met dames in traditioneel kostuum die drinken en snoep verkopen. We hebben een tijdje in de zon op een bankje gezeten om mensen te kijken.
Dan op zoek naar een supermarkt om eten voor morgen te kopen en flessen water.
Dan terug naar het hotel, lekker even rustig liggen. En alvast wat foto’s uitgezocht.
Om 19.00 met een groep gegeten in het hotel. Iedereen is moe. Zo lekker slapen morgen weer met de bus op weg naar Uyuni. Dat ligt iets lager.
Foto’s
2 Reacties
-
Wenda ter Horst:14 mei 2024Erg herkenbaar van mijn reis jaren geleden!
-
Adri:14 mei 2024Geen ochtend waar je blij van wordt volgens mij. De middag wel een stuk leuker!
